• alle tegels
  • columns
  • Kuppen!

    Intussen zit iedereen op nummer 9 uit te buiken van het avondeten. Alle pannenkoeken zijn op. Cliënt Cees ruimt af. Morgen rode kool met gehaktballen, vertelt hij, want de eetschema’s zijn voor de gehele week al bekend. Cees is in een opperbeste stemming. Eerst kietelt hij begeleidster Karin uitgebreid.

    Daarna moet ik eraan geloven. Daar duikt hij al achter op. Snel kietel ik hem terug.

    “Wat gaan jullie vanavond doen?” vraag ik dan.

    “Televisie kijken!” klinkt het in koor. En iedereen wil hetzelfde zien: Goede Tijden Slechte Tijden. Op hun eigen kamers hangt ook een tv, maar liever zitten ze samen beneden in de woonkamer.

    “En wat is er allemaal aan de hand in Goede Tijden Slechte Tijden?”

    “Van alles!” antwoordt Maurice enthousiast. Daar houdt hij het bij. Tijd om te vertrekken, op naar de Deelraad.

    “Hoe laat ben je terug?” wil Karin weten.

    “Als het afgelopen is,” antwoordt Maurice. Het is mooi hoe natuurlijk die zin zijn mond verlaat. Niet de snauw van een puber, maar de oprechtheid van de eigen logica.

    “Hoe laat is het afgelopen dan, weet je dat?”

    Nee, dat weet Maurice niet meer.

    “Kijk maar even of ik er dan nog ben,” zegt Karin. “Ik denk dat ik om negen uur naar huis ga.”

    In al mijn onwetendheid vraag ik of hier dan geen 24 uur per dag begeleiding is. Karin lacht. “Nee nee nee, overdag is iedereen werken hè.” Maar zo gauw de cliënten thuis zijn, is er begeleiding.

    Vanaf tien uur ’s avonds gaat de ‘inluister’ in. De inluisterdienst vervangt de vroegere slaapdienst. Iedere kamer heeft een luidsprekertje waarmee geluiden kunnen worden opgevangen en waardoorheen de bewoner ook toegesproken kan worden, vanuit de centrale anderhalve kilometer verderop. Daar hebben ze ook gedetailleerde informatie over elke bewoner. Bijvoorbeeld wie ’s nachts vaak naar het toilet moet en wie wel eens praat in zijn slaap.

     

    Daar zwaait de keukendeur open. Het is Hans 1. “Ik ben weer terug van het sporten!” roept hij opgewonden, met zijn hese rokersstem. “Ik heb gevoetbald! In de zaal!”

    Karin staat op van de keukentafel. “Nou, kunnen we weer gaan bakken.”

    Hans 1 ziet er nog steeds zwart uit, vooral zijn neus. Een klein beetje als een mijnwerker. “Wat heb jij vandaag eigenlijk allemaal gedaan?” wil Karin weten, wijzend naar zijn neus.

    “Gewerkt!” Elk woord, elke zin die Hans 1 uitspreekt, wordt met ongebreideld enthousiasme uitgestoten.

    “Wat doe je voor werk?” vraag ik.

    “Kuppen!” antwoordt Hans enthousiast.

    “Kippen?”

    “Kuppen!”

    Ik geef het op.

    “Bij de INTOS werk jij toch?” redt Karin de situatie.

    “Ja!”

    “En wat heb je daar gedaan vandaag?”

    “Gewerkt!”

    “En wat moest je daar doen? Moest je iets in elkaar zetten, of dozen sjouwen?”

    “Nee, schroeven!”

    “Aha, en die schroeven waren een beetje zwart en dan wrijf jij over je gezicht?”

    “Ja!”

    “Dan na het eten snel in bad. Lust je pannenkoeken met spek?”

    “Lekker! Lekker! Met spek!” Hans gaat snel zitten. “Met spek! Lekker! Lekker!”

    Even later zie ik hoe hij zijn pannenkoek met kaas, spek en uien vorstelijk overgiet met appelstroop en poedersuiker. En dan maar smeren. Het gaat er zo dik op, Hans lijkt wel een stukadoor.

    “Morgen rode kool met gehaktballen,” zeg ik.

    Hans kijkt me glunderend aan. Dan stoot hij de woorden uit. “Rode kool met gehaktballen! Morgen! Lekker! Lekker!”

     

     


    Blik van Buiten

    Elke week geeft een schrijver of blogger zijn of haar ‘Blik van Buiten’. Zo ook columnist Luuk Koelman. Hij ging langs bij verschillende locaties van Dichterbij, op zoek naar de verhalen achter Als je het mij vraagt.

    Reacties:

    Geef een reactie

    Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *