• alle tegels
  • columns
  • Gewoon, iets

    Blik van Buiten

    ‘Als ik de gezamenlijke huiskamer binnenkom, rond negen uur ’s ochtends, staat een late slaapster een bordje Brinta te roeren. Ze draagt een pyjama van Mickey Mouse en fronst naar me, haar bril laag op haar neus. Wit haar, iel lichaam. Eerst denk ik dat ze voorover gebogen staat, maar het blijkt simpelweg haar lichaamshouding te zijn. 

    Een andere oudere dame zit te borduren. Een baan wit, een baan blauw, een baan wit, een baan blauw. ‘Wat ben je aan het maken?’ vraag ik, waarop ze antwoordt: ‘Gewoon, iets.’

    Appartement 111 te Heeschwijk. Een gedeelde huiskamer. Wat meteen opvalt is hoe huiselijk en eigen het hier voelt, ondanks de wetenschap dat dit gebouw tientallen van precies dit soort woningen huisvest. Stichting Dichterbij heeft er hier drie, bijna identiek, recht boven elkaar.

    Vijf dames. Vier aan tafel, eentje nog in haar kamer. Simpele kunst aan de muur, veel schema’s en pictogrammen, zodat iedereen weet waar ze aan toe zijn. Een tv omringd door lege fauteuils. Iedere avond mag iemand anders bepalen wat er gekeken gaat worden; ook daar is een schema voor. Ik word aangekeken. Er wordt naar me geglimlacht, maar als ik terug glimlach kijken ze weg, nerveus of verlegen. Ik ben een vreemdeling. Zo voel ik me ook, ware het niet dat Hermi me warm ontvangt en koffie brengt.

    Hermi, 57 jaar oud, al 26 jaar in de zorg. Tenger, krullen, overhemd in broek en een heuptasje. Een fietser en een hardloper. Begeleider, mediator, vriend, luisterend oor. Hij smeert een boterham. ‘Je morst,’ zegt een dame, die verder nog niks heeft gezegd maar dit dus wel de moeite van het spreken waard vond.

    Het lijken vooral de wat simpelere observaties te zijn waar hier adem en stemklank aan worden besteed. ‘Dadelijk komt de schoonmaker en dan krijgen we weer koffie.’ Dat soort dingen. Een regime van regelmaat en orde waar ik hoorndol van zou worden, maar die hier essentieel is. Het lijkt allemaal op de automatische piloot te gaan, moeiteloos, als vanzelf, maar je hoeft hier maar iets langer te zitten, te kijken en te luisteren, en je begint te beseffen dat het een kwetsbaar en zorgvuldig verkregen equilibrium is; een ogenschijnlijke rust die er slechts kan zijn door een systeem dat aldoor moet worden aangepast en bijgesteld. Want ook al kunnen ze hun emoties misschien niet goed onder woorden brengen, ze zijn er wel degelijk. Jaloezie, frustratie, verdriet.

    Neem één van de dames, hier, die het steeds heeft over de taart die ze moet kopen voor haar verjaardag. Als je niet beter weet is het gewoon neurotisch gedrag. Maar haar schoonzus is net overleden, en die was er op verjaardagen altijd bij. De verwarring om de taart is de verwarring om het verlies en de dood. Niet alles is hier wat het lijkt. Of misschien is zelfs bijna niets hier wat het lijkt. Ik ben er net een uurtje en nu al voel ik een diep ontzag voor Hermi, en zijn stagiaire Joyce; al hun zintuigen gespitst op de behoeften van de mensen die hier wonen.

    Het is mijn eerste kennismaking met Dichterbij. De komende weken zal ik mijn observaties met u delen. Ik, de buitenstaander en journalist, die zich hier ineens ontzettend onbeholpen en naïef voelt. Tot volgende week.’


    Elke week geeft een schrijver of blogger zijn of haar ‘Blik van Buiten’. Zo ook Henk van Straten (De Correspondent, de Volkskrant). Hij ging langs bij verschillende locaties van Dichterbij, op zoek naar de verhalen achter Als je het mij vraagt.

    Reacties:

    Geef een reactie

    Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *