• alle tegels
  • columns
  • Denkend aan Danny

    Denkend aan Danny zie ik brede benen snel door oneindige straten gaan.

     

    Tijdens het eten leek hij rustig. Met z’n shaggie, koptelefoon en uitspraak dat je maar beter niet kon werken. Mensen maakten misbruik van je. Als je vrijwilligerswerk ging doen, pakten ze je uitkering af. En als hij bij vrienden langs ging moesten ze hem niet meteen aan het werk zetten. Ondertussen liet hij zijn medebewoners goedmoedig shaggies draaien en was hij vriendelijk tegen iedereen.

     

    Die heeft gewoon geen zin om te werken, dacht ik.

     

    En ja hoor: kranten rondbrengen deed hij vandaag niet. Ook al was het afgesproken, hij had er geen zin meer in. Hij had die middag al krantjes zitten vouwen, het was al na half zes dus de dagbesteding was voorbij en niemand deed wat behalve hij, hij had één keer gezegd dat hij het zou doen en nu moest het iedere keer. Zijn ‘nee’ werd steeds stelliger.

     

    Geen krantjes voor de buurt deze week, dacht ik.

     

    Begeleider Imre gaf eerder die dag aan dat hij het vooral leuk vond om mensen in beweging te krijgen. Hij praatte wat met Danny. Er kwam een kop koffie bij. Ze rookten een peukie. Koetjes, kalfjes en ondertussen bleven de gevouwen krantjes links liggen.

     

    Waardoor het uiteindelijk omsloeg, weet ik niet. Maar ineens liepen we met drie man achter Danny en z’n trolley vol kranten aan de wijk door. Ik bedoel: renden we achter Danny aan. Want ergens had iets of iemand een powerknop aangezet. Zelfs begeleider Hans die mee was, wist niet waar nu wel, waar geen krantje, hoeveel nog en waar al geweest.

     

    Danny wist het wel. De route. De brievenbussen. De nummering. De straatnamen.

     

    Het zat blijkbaar allemaal in zijn hoofd.

     

    Dus draafden we door: pakketje folders pakken, vouwen, proppen en op naar de volgende brievenbus. Totdat: kranten op.

     

    En nu?

     

    Allemaal keken we Danny vragend aan. Want we waren pas halverwege de route. ‘Maakt niet uit’, mompelde hij. ‘Ik ga morgen nog wel even terug’. Danny in beweging was blijkbaar niet meer te stoppen.

     

    We kletsten zelfs gezellig toen we terug liepen. Over zijn vroegere werk als tegelzetter, de meubels die hij zelf gemaakt had en de discolampen op zijn kamer die vanavond samen met de muziek aan gingen, zodat hij lekker kon chillen.

     

    Was het het lopen? De verantwoordelijkheid? De frisse buitenlucht? De zachte aansporing van zijn begeleiders? Geen idee. Maar de mopperende man die niet wilde werken was weg. Gelukkig maar. Ik vond Danny zo veel leuker.

     

     


    Blik van Buiten

    Elke week geeft een schrijver of blogger zijn of haar ‘Blik van Buiten’. Zo ook columnist Rachel Felix. Ze ging langs bij verschillende locaties van Dichterbij, op zoek naar de verhalen achter Als je het mij vraagt.

    Reacties:

    Geef een reactie

    Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *